De afgelopen weken werd in de media geen fijn beeld neergezet van jongeren. Gezichtsbedekking. Steen in de hand. Zakken vol met vuurwerk om richting het gezag te gooien. Glas versplinterde, alarmen loeiden en brandhaarden vlamden sneller op dan de blussers konden bijbenen. Plunderend trokken menigten jongeren door grote Europese binnensteden. De middenstand bleef in verbijstering achter. Want wat was hier het nut van? Welke punten werden duidelijk gemaakt aan de autoriteiten? Pakken wat je pakken kunt? Meeliften op de sociaal-maatschappelijke boodschap van de studenten met hun leuzen en borden? Hun vreedzame protest verstoren met geweld? Hoeveel kinderen zullen 's ochtends het huis verlaten hebben met het idee om gratis een X-box te 'scoren'? Of een winkelier de stuipen op het lijf te jagen omdat zijn zaak kort en klein geslagen wordt? Hoeveel, of eigenlijk hoe weinig, zullen dat er zijn en hoe groeit zoiets dan toch uit tot dit massale misbruik van het recht op demonstratie? Zal groepsdruk er ook iets mee te maken hebben? Openbare opstand tegen het machtsvertoon begint tenslotte met de eerste opgestoken middelvinger en cumuleert al snel zodra geweld gebruikt wordt. Aan beide kanten. Dreiging doet iets met het puberbrein. Standje dwars tegen de orde in. Het vuurtje opstoken is zo gebeurd, zeker als angst plaatsmaakt voor euforie. Dan kun je, als rechtgeaarde relschopper, niet meer terug.
Wie steelt, vernielt of iemand welbewust pijn doet, moet daarvoor boeten. Daar ben ik met al mijn ervaring in de jeugdhulp helder in. Hopelijk worden de daders dan ook geïdentificeerd en berecht. Maar laten we niet vergeten wat er aan al deze commotie ten grondslag ligt. Een tanend toekomstperspectief. De jeugd van tegenwoordig kijkt aan tegen torenhoge zorgkosten, veel te dure woningen, studieschulden, een planeet die begint te rafelen en een wereldbeeld dat kantelt. En wij, de vorige generatie, sussen onszelf met lapmiddelen en halve maatregelen. Ruziën in plaats van discussiëren. Schelden elkaar virtueel verrot. Lekker voorbeeld dus!
Met de kennis van nu weet ik ook dat de echt rotte appels overal voorkomen. Dat je daar niks mee kan. Maar het gros van de kinderen deugt. Ook dat jochie dat een ruit inslaat en een handvol iPhones meegraait. Die is niet gewetenloos. Hij weet alleen niet meer hoe het nu verder moet. Verder het pad van zijn 'foute' vrienden maar op dan.
Maar wat als we de bal nu eens bij onszelf leggen? Wij moeten toch als ouders, onderwijs en overheid veel beter signalen zien, horen en duiden? Opgroeien gaat met regels en grenzen gepaard. Respect moet je leren. Spelenderwijs. Samen. Zelf ontdekken waar je talenten liggen en tot hoever je mogelijkheden reiken. Zelfbewustzijn kweken. Leer de jeugd wat kameraadschap betekent. Hoe je in een goed functionerende samenleving met elkaar om hóórt te gaan. Dat je vaker mag vallen, zolang je steeds maar weer opstaat. Zij moeten het namelijk gaan doen. Onze shit oplossen.